|

Buiten werden ze welkom geheten door een gids. Hierna werden vijf
groepjes samengesteld die één voor één verder mochten komen, de
donkere gangen in van de kazematten.

Binnen werden de laatste instructies gegeven. Ook over de veiligheid. Ze
waarschuwde dat ik er nog altijd ronddwaal door de kilometers lange
ondergrondse gangen.

Ik liet ze binnen en
bij de eerste splitsing hadden ze al een hele discussie nodig om verder
te lopen. Ook maakte ze kennis met mijn medebewoonster in koude dagen.
.

Trapje op, trapje af en veel bukken

Ik heb gezorgd dat ze een boekje meekregen waarin de route stond
beschreven. Ze moeten natuurlijk niet te lang hier blijven rondwalen
door mijn kazematten. Sommige vragen had ik in het boekje geschreven en
anderen hingen op. En ik heb ze ook doe-opdrachten gegeven.

De ene groep rende door de gangen, wacht even Frans, ik zal je even in
je oortje krabbelen, de andere profiteerde er langer van dat ze bij mij
door de gangen mochten lopen. Leuk vonden ze het allemaal.

Bij de uitgang was het wachten totdat iedereen het begrepen had waar het
eindpunt was. Ik heb daar als musketier een verzameling over de
schuilruimtes in Tweede Wereldoorlog en de koude oorlog. Er hing ook
plaatje op met veiligheidsinstructie wat te doen bij nucliaire
aanvallen. Een vergiet op je hoofd zetten waar je de gaatjes dicht van
moest maken, want daar zouden stralingen doorkomen en vooral geen
plastic vergiet gebruiken want die smelten. Zuchtzucht, wat ben ik blij
dat ik uit de tijd kom van zwaarden en musketten, dat is tenminste pas
eerlijk vechten. Mannenwerk, oorlog voeren met een vergiet, pffff.

Om het wachten verder aangenaam te maken kon je ook kijken naar een
tekening van het stelsel. De laatste groep achtervolgde ikzelf
hoogstpersoonlijk in eigen persoon. Moet er wel overtuigd van zijn dat
er geen verstekelingen achterblijven. Met die rare scoutingmensen weet
je immers maar nooit.

Schrik, eigenlijk hebben die padvindertjes best snel de andere kant
weten te bereiken. Ben ik dan zo ongezellig als musketier? Okee, ik zal
toegeven dat ik wel een beetje koel ben.
Maar
goed, de uitslag. Overwegend was alles goed.

Dat
scoutingclubje verliet de kazematten en gingen naar d'n Ingel op het
Vrijthof waar helemaal bovenin een knus kamertje was gereserveerd voor
een avondmaal met vooral veel saté. En denk je nu dat die speurdertjes
mij ook vroegen om mee uit te gaan eten? Ho maar. Van de andere kant,
wat moet ik nou met een engeltje? Laat mij maar lekker verder dwalen
door de gangen van de kazematten.....
Gegroet,


Met dank aan Ellen en Monique voor de organisatie !

|